Internationalisering

Internationalisering in wetenschap, onderwijs en dienstverlening staat hoog op de agenda van de universiteiten. In de aan het beleidsdomein gelinkte werkgroepen komen vicerectoren en beleidsmedewerkers samen om gemeenschappelijke topics te bespreken en gemeenschappelijke adviezen m.b.t. specifieke problematieken te formuleren. Voorbeelden van actuele dossiers zijn: mensenrechten, reizen naar risicogebieden, kennismigratie.

Werkgroepen
  • domeinwerkgroep Internationalisering
  • werkgroep Kennismigratie
  • ad hoc werkgroep project Vereenvoudiging visumprocedure
  • informatieplatform Reizen naar risicogebieden

Voor de samenstelling van de VLIR-overlegfora: klik hier.

Contactpersonen

Vlaamse meesters blijven ambassadeurs

Drie universiteiten uit de Verenigde Staten organiseren jaarlijks een positie voor een Visiting Professorship of Flemish Studies in samenwerking met de VLIR en het departement Onderwijs en Vorming. Het gaat om:

  • The Peter Paul Rubens Chair for the History and Culture of the Southern Low Countries – University of California, Berkeley Campus
  • The Antoon Van Dyck Chair for the History and Culture of the Low Countries – University of California, Los Angeles (UCLA)
  • The Peter Brueghel Chair of Flemish Studies for the History and Culture of the Southern Low Countries – University of Pennsylvania

De leerstoelen werden tussen 2003 en 2008 opgericht en kennen een gestaag succes. De VLIR stelt een beurtrol op, zodat afwisselend professoren of post-doctoraal onderzoekers uit verschillende Vlaamse universiteiten van deze leerstoelen kunnen gebruikmaken.
De gastprofessoren trekken voor minstens 10 weken naar de VS, en verzorgen er cursus in de Dutch Studies curriculum om cultuur, literatuur, geschiedenis en kunst uit de zuidelijke lage landen zichtbaar te maken. Ze verzorgen ook steeds een openbare lezing in een topic dat nauw aansluit bij hun onderzoeksdomein.

Ruim baan voor kennismigratie uit derde landen

Standpunt van Belgische kennisinstellingen over het verblijf en de tewerkstelling van onderzoekers en studenten uit derde landen

Aanbevelingen voor het optimaliseren van regelgeving

Wetenschappelijk onderzoek en academisch hoger onderwijs situeren zich niet enkel binnen de grenzen van één land of één regio. De internationale context is vandaag de dag een gegeven. Tevens zijn mobiliteit en internationalisering intrinsieke kenmerken van het academisch onderwijs en onderzoek.
Binnen de groep van buitenlandse onderzoekers en studenten nemen deze uit niet-EER-landen, de zogenaamde derdelanders, een bijzondere plaats in. In tegenstelling tot EER-onderdanen die, op basis van vrij verkeer van personen, in andere EER-landen kunnen verblijven, studeren en werken, zijn hun verblijf en tewerkstelling onderworpen aan strengere wetgeving.

Op 24 oktober 2019 presenteerde VLIR het rapport Ruim baan voor kennismigratie uit derde landen. Het volledige rapport is beschikbaar als download.

Ruim baan voor kennismigratie uit derde landen

Landen en regio’s met gewapende conflicten, burgeroorlog, terroristische aanslagen, binnenlandse politieke onlusten, epidemieën, worden beschouwd als risicogebieden.

Het reizen naar risicogebieden door professoren, doctorandi, studenten, ATP, dient te gebeuren conform de door de universiteit ingestelde procedure(s).

De Vlaamse universiteiten stellen samen een nota op waarin richtlijnen en aanbevelingen m.b.t. deze procedures worden opgelijst. De richtlijnen en aanbevelingen gelden als kader voor de implementatie van de procedures binnen de respectieve universiteiten.
De procedure(s) kunnen worden uitgebreid met richtlijnen over gedrag en omgangsvormen in het land van bestemming, informatie voor interculturele voorbereiding en het zendingsdossier houdende instructies en informatie over veiligheid en crisismanagement.

Reizen naar risicogebieden, richtlijnen en aanbevelingen

English text below

Ook de steeds meer op internationale samenwerking gerichte academische wereld is niet immuun voor risico’s op schendingen van de mensenrechten. Welke houding kunnen, willen of moeten de universiteiten en hun medewerkers in dergelijke gevallen aannemen? Hoe kunnen zij zich hierover beter informeren, aan hun medewerkers de nodige vorming verschaffen, en passende acties ondernemen? Uiteraard zijn de Vlaamse universiteiten reeds gebonden door een aantal juridische bepalingen op het vlak van de mensenrechten. Ze wensen echter op dit vlak een veel bredere maatschappelijke verantwoordelijkheid op te nemen. VLIR stelt nu een mensenrechtentoets ter beschikking: een praktisch werkinstrument voor zelfregulering.

Het overgrote deel van de internationale samenwerkingen van onze universiteiten levert geen problemen op. Toch is het goed om te beschikken over een set van praktische richtsnoeren die het bewustzijn voor de problematiek aanscherpt en ook aangeeft hoe om te gaan met probleemsituaties.
Elke universiteit heeft het engagement uitgesproken om de mensenrechtentoets in haar werking te verankeren. Hoe dat precies gebeurt, zal vanzelfsprekend verschillen van universiteit tot universiteit.

Eind 2020 zal de VLIR evalueren hoe ver de Vlaamse universiteiten staan in de realisatie van hun engagement en waar eventueel moet worden bijgestuurd.

De aanbevelingen van de werkgroep zijn beschikbaar als download.

Aanbevelingen voor de invoering van een mensenrechtentoets aan de Vlaamse universiteiten

(English)

Universities are the cornerstones of academic education, scientific research and social services. In recent years, these universities have grown to become some of the largest employers, where internationalisation is the rule rather than the exception. This internationalisation is becoming more and more important and is reflected, among other things, in staff and student exchanges, contributions to capacity building in the South, international networking, clustering of research capacity and cross-border research cooperation. Universities are also academic safe havens where students can develop into critical citizens and researchers can freely address fundamental issues, applied scientific research and valorisation. Respect for human rights is inherent to universities’ social role. The Flemish universities are committed to develop their own human rights policy and to play a pioneering role in this regard. The ever more complex and international environment in which these institutions operate creates the need for more guidance in the area of human rights for the 32,700 researchers and staff members (VLIR, 2018) affiliated to the Flemish universities.

The issues facing academics are not specific to any one university, nor even to academia in general. These are everyday issues which also confront other educational and research institutions and companies. The human rights assessment is an important tool to help answer these questions. It was developed by an ad hoc Working Group on Human Rights, set up by the VLIR Council in January 2018, and composed of human rights experts from all Flemish universities.

The present human rights assessment is a form of self-regulation by and for the Flemish universities. It should be read as a common but non-binding set of guidelines that allow the Flemish universities to further shape their institutional human rights policy. As a general principle, the Flemish universities have committed to embed the respect for human rights as a permanent cornerstone in their international operations.

Recommendations for implementation a human rights assessment at the Flemish universities

Slim internationaliseren in onderzoek, innovatie en hoger onderwijs
Kernboodschappen van de Vlaamse universiteiten

Met dit kompas voor de regeerperiode 2020-2024 formuleren de Vlaamse universiteiten hun kernboodschappen en roepen zij de Vlaamse regering op om te investeren in een slimme internationaliseringsstrategie voor onderzoek, innovatie en hoger onderwijs. Zij geven aan hoe zij de uitvoering van de internationale prioriteiten in het regeerakkoord mee gestalte willen geven en vervolledigen deze met een aantal eigen aandachtspunten.

Kompas 2024

De economische effecten van internationalisering in het hoger onderwijs

Studie door KU Leuven in opdracht van de Vlaamse Universiteiten en Hogescholen Raad (VLUHR) en de Vlaamse Adviesraad voor Innoveren en Ondernemen (VARIO)

De internationalisering van het hoger onderwijs krijgt zowel vanuit academisch perspectief als vanuit het beleid toenemende aandacht. Het aantal studenten in het hoger onderwijs dat naar een ander land trekt met het doel om er te studeren groeit jaarlijks. Ook voor Vlaanderen neemt zowel het aantal als het aandeel internationale studenten in het hoger onderwijs toe.

In dit onderzoek wordt ingegaan op de economische gevolgen van deze internationaliseringtendens, met de focus op studenten hoger onderwijs die zich inschrijven voor voltijdse programma’s. In de studie worden de kosten en baten voor Vlaanderen gekwantificeerd. Ook de kosten en baten voor de overheidsfinanciering worden berekend, met een onderscheid tussen de kosten en baten tijdens de studietijd en na de studietijd.

De resultaten wijzen op een netto positief effect van internationalisering, met directe baten die 2,6 tot 3,3 keer de kosten overstijgen. De resultaten wijzen op een bijdrage van internationale studenten aan de economie met een factor tussen € 3.072 miljoen en € 4.408 miljoen, wat een netto bijdrage betekent van € 465 – € 613 per inwoner in Vlaanderen.

De bevindingen bevestigen de relevantie van de impact van internationale studenten op de economie, hoewel er een aantal overwegingen zijn. In de eerste plaats wordt het grootste deel van het effect bepaald door de langetermijnimpact van internationale studenten op de economie. Ten tweede wordt er vastgesteld dat tijdens de studies de netto-kosten hoger zijn dan de baten, maar nadien de baten de overhand nemen. Ten derde blijven, zolang de internationale studenten wonen en werken in Vlaanderen, de jaarlijkse baten positief. De resultaten verschillen naar nationaliteit en opleidingsniveau van internationale studenten.

Rapport: De economische effecten van internationalisering in het hoger onderwijs